Ik ga hier dadelijk met de deur in huis vallen, want als jij de woorden 'educatief spelen' hoort, zie jij al dadelijk een kindje aan de tafel zitten met een werkblaadje of hooguit een spelletje waar 'iets door geleerd moet worden'. En daarnaast zetten we dan een ouder die zich ondertussen afvraagt of ze wel goed bezig is. En dat idee wringt zo hard, want educatief spelen is niet wat er zovaak van gemaakt wordt. Het is geen trucje of methode en het mag zeker al geen extra taak zijn, bovenop alles wat er al gedaan word. Educatief spelen is gewoon spelen, maar dan écht.
Kinderen leren niet omdat wij dat zo goed plannen. Ze leren omdat ze spelen. Punt. Een kind dat torens bouwt en ze keer op keer omgooit, is bezig met evenwicht, frustratie en doorzettingsvermogen. Een kind dat poppen laat praten, is emoties aan het verwerken. Een kind dat regels verzint en ze vijf minuten later weer verandert, is aan het oefenen met controle en autonomie. Dat is geen tijdverdrijf. Dat is hoe kinderen hun wereld leren begrijpen.
En toch zijn we het ergens anders gaan zien. We leven in een maatschappij waar alles iets moet opleveren. Waar ontwikkeling meetbaar moet zijn. Waar kinderen al vroeg moeten meedraaien en “mee zijn”. En dus sluipt dat ook in spel. Het moet nuttig zijn. Leerrijk. Educatief. Maar ik zeg je vanuit ervaring, dat van zodra spel iets moet opleveren, het net zijn kracht verliest. Een kind dat speelt met de intentie om aan iets te moeten voldoen, leert minder dan een kind dat speelt om zichzelf te zijn.
Echt educatief spelen gaat niet over sturen. Het gaat over volgen. Over kijken. Over even laten gebeuren en niks voor hun oplossen. Dat is vaak het lastigste stuk voor ons als ouders. Want we willen helpen. We willen bijsturen of corrigeren: “Kom, ik zal het eens tonen.” Maar een kind dat voortdurend hoort dat het anders moet, leert eigenlijk maar 1 ding: dat zijn manier nie klopt en dan stopt het leren.
Spel vertelt je alles. Echt alles. Een kind dat in spel altijd controle wil. Of snel boos wordt. Of blijft testen. Of niet kan stoppen. Dat is geen lastig kind. Dat is een kind dat iets probeert te vertellen. Over spanning. Over prikkels. Over onzekerheid. Over nood aan duidelijkheid en veiligheid.
Spel is communiceren zonder woorden. En wanneer je dat leert zien, verandert opvoeden. Dan moet je minder corrigeren. Minder ingrijpen. Minder twijfelen aan jezelf. Dan wordt opvoeden rustiger, lichter en eerlijker.
En nee, laat me dit ook heel duidelijk zeggen: dit betekent niet dat alles zomaar moet kunnen. Kinderen hebben grenzen nodig. Structuur. Voorspelbaarheid. Maar die grenzen komen niet vóór het begrijpen. Ze komen erna. Eerst kijken. Dan begrijpen. En van daaruit begeleiden. Dat is afgestemd ouderschap zoals ik het zie. En dat is waarom spel zo’n belangrijke rol speelt.
Je hoeft geen knutselmama te zijn. Geen eindeloze inspiratie te hebben. Geen speelhoek zoals op Instagram. Je kind heeft jou nodig, met een afgestemd aanbod dat zijn ontwikkeling net genoeg uitdaging geeft. Dat is meer dan genoeg. Dat is educatief spelen.
Niet perfect. Wel betrokken.